KilometerheffingMarch 2016

FLASH Nr. 11 - 17/03/2016

Advocaat van UPTR zeer kritische over de wettelijkheid van het inningssysteem!

U heeft misschien deze ochtend in de krant de Tijd het interview kunnen lezen met de advocaat van UPTR omtrent het inningssysteem van de kilometerheffing.

In onze niet aflatende strijd tegen deze aangekondigde kilometerheffing vanaf 1 april 2016 waarbij de Belgische transporteurs verplicht worden om een OBU (on board unit) aan te schaffen bij een monopolistische aanbieder, zijnde Satellic nv en waarbij schijnbaar doelbewust alle concurrentie van andere Europese aanbieders door de overheid expliciet geweerd wordt waardoor deze OBU ook niet operabel is met andere tolsystemen (zoals de Maut in Duitsland, de Tis PL in Frankrijk, zelfs niet de Liefkenshoektunnel), hebben wij als belangrijkste beroepsfederatie Transport en Logistiek een advies ingewonnen bij Meester Michel Maus van Bloom-Law, temeer gezien de afgelopen maanden met geen enkel van onze verzuchtingen wordt rekening gehouden en er nog steeds geen akkoord omtrent de begeleidende maatregelen op tafel ligt.

Het begint er - op nauwelijks twee weken voor de invoering - steeds meer en meer op te lijken dat enkel de Belgische transportondernemingen zullen uitgerust zijn met OBU’s (en bijgevolg de kilometerheffing zullen betalen), maar ook voor vele Belgische transportondernemingen zijn er nu al leveringsproblemen voor de OBU’s, niet zozeer bij de monopolistische aanbieder Satellic, die schijnbaar door de overheid gegarandeerd werd dat hij zijn monopolie tot op de laatste dag zou behouden en bijgevolg vrolijk zijn bestelling voor honderdduizenden OBU’s onbezorgd kon plaatsen, maar vooral bij de derde betalers die garant moeten staan bij Satellic nv voor de inning van kilometerheffing. Daarenboven worden de ‘beste leerlingen’ van de klas dewelke hun OBU zeer vroeg bestelden, vanaf oktober 2015, geconfronteerd met het feit dat door de vele software fouten in het systeem de geleverde OBU’s moeten teruggestuurd worden en nieuwe geïnstalleerd moeten worden.

De OBU’s zijn daarenboven ook niet controleerbaar voor de transportfima’s, er bestaat voor een grote transportonderneming geen enkele mogelijkheid om te verifiëren of alle OBU’s in de vrachtwagens ingeschakeld zijn en werken, men is steeds afhankelijk van de chauffeur en het inschakelen (na elke stop !) van de OBU. Bij een defect dient de chauffeur daarenboven direct contact op te nemen met het callcenter van Satellic nv, hetwelk niet alleen moeilijk bereikbaar is (lange wachttijden, ….) of zich tot een service point te richten (een automaat), dewelke over een zeer minimalistische voorraad OBU’s beschikken en vaak defect blijken te zijn. Voor dit volledig concept kreeg Satellic een kleine 1.6 miljard euro belastinggeld toegestopt onder een aantal contractuele voorwaarden dewelke schijnbaar top – secret zijn.

De facturatie dewelke de Belgische transporteur na 1 april 2016 zal ontvangen is ook nauwelijks controleerbaar en wordt per vrachtwagen in drie aparte facturen ingedeeld, het stuk Vlaanderen, Wallonië en Brussel, gezien in de ene regio het een dienst betreft met BTW en in de andere regio een zuivere taks, ...

De administratieve overlast dat dit voor elke transporteur zal creëren is onbeschrijflijk en dit nog los van het feit dat de software dewelke voor de aanrekening zorgt dermate onbetrouwbaar is dat alle parallelle wegen (aan de tolwegen), alle bruggen over de tolwegen, … ook aangerekend worden.

Een probleem waarvoor nu eenmaal geen oplossing wordt gevonden en dewelke natuurlijk alles te maken heeft met de ‘normale’ onnauwkeurigheid van elk gps systeem. Dit dreigt de factuur van minstens 8000 euro per vrachtwagen per jaar nog aanzienlijk te verhogen en kan sowieso de doodsteek betekenen voor elke transportonderneming.

Ook de Europese commissie werd terzake door UPTR reeds diverse keren aangeschreven om hier op orde op zaken te stellen en net zoals enkele buitenlandse transportfederaties, roept UPTR dan ook op tot een algemeen uitstel van de kilometerheffing, niet alleen om ook alle juridische bezwaren eerst op te lossen.

Hierbij een korte inhoud van de opmerkingen van Meester Michel Maus:


1. De invoering van de kilometerheffing vormt een schending van het gelijkheidsbeginsel

De kilometerheffing is van toepassing op motorvoertuigen en samengestelde voertuigen al dan niet uitsluitend bedoeld of gebruikt voor het vervoer over de weg van goederen, waarvan de maximaal toegelaten massa (MTM) meer dan 3,5 ton bedraagt. De overige voertuigen, zoals personenwagens, maar ook motorvoertuigen uitsluitend bedoeld of gebruikt voor het vervoer over de weg van personen, vallen m.a.w. niet binnen het toepassingsgebied van de kilometerheffing. Bovendien worden een aantal voertuigen die principieel binnen het toepassingsgebied van de kilometerheffing vallen, hiervan vrijgesteld.

Gelet op de onderliggende doelstellingen bij de invoering van de kilometerheffing, waarbij wordt uitgegaan van het principe ‘de gebruiker/de vervuiler betaalt’, lijkt het onderscheidend criterium (te weten het vervoer over de weg van goederen, waarvan de maximaal toegelaten massa (MTM) meer dan 3,5 ton bedraagt) niet kennelijk en redelijkerwijs verantwoord te zijn.

De overige voertuigen, zoals personenwagens, maar ook motorvoertuigen uitsluitend bedoeld of gebruikt voor het vervoer over de weg van personen, evenals de motorvoertuigen die expliciet worden vrijgesteld van de kilometerheffing, brengen immers eveneens infrastructuurkosten met zich mee en zorgen eveneens voor de vervuiling van het milieu.

Dergelijke gedifferentieerde behandeling staat op gespannen voet met het gelijkheidsbeginsel.


2. De controle van de kilometerheffing is onwettig

a. De uitbesteding van de controlebevoegdheid van de kilometerheffing aan een privébedrijf is onwettig

Het traceren en volgen van de belaste voertuigen zal worden uitgeoefend door de dienstverlener Satellic.

Het fiscaal recht is van openbare orde en de belastingadministratie beschikt over geen andere bevoegdheden dan deze die haar door de wet zijn toegekend. Hetzelfde geldt voor de informatie die gevraagd wordt aan derden, niet bestuursdiensten. Het verzoek om aan de administratie informatie te bezorgen die deze derde nog niet in zijn bezit heeft en die hij bovendien slechts kan verkrijgen door in de toekomst bepaalde onderzoeken in te stellen komt volgens diverse rechtspraak neer op een ongeoorloofde uitbesteding van het fiscaal onderzoek.

De omstandigheid dat de gegevens die nodig zijn voor het vaststellen van de verschuldigde kilometerheffing door de gebruikers doorgegeven worden op basis van de gebruikersovereenkomst, doet hier m.i. geen afbreuk aan. Zoals gezegd wordt de ondertekening van een gebruikersovereenkomst dwingend opgelegd in het kader van de kilometerheffing zodat deze een noodzakelijk onderdeel vormt van de vestigings- en inningsprocedure.

b. Het permanent volgen van een voertuig via satelliet schendt het recht op privacy en is een verboden observatie in de zin van de Wet op de Bijzondere Opsporingsmethoden

In het kader van de kilometerheffing worden – met behulp van elektronische apparatuur – voortdurend data uitgewisseld om te komen tot de registratie van afgelegde kilometers of gedeelten van afgelegde kilometers, op basis waarvan de kilometerheffing wordt berekend.

Elk voertuig dat niet is vrijgesteld van de kilometerheffing wordt, voorafgaand aan het gebruik van enige weg, verplicht uitgerust met een daartoe ter beschikking gesteld elektronische registratievoorziening. De houder van het voertuig sluit daartoe een overeenkomst met een dienstverlener.

Het voortdurend volgen van een voertuig via satellietpositionering houdt een observatie in die normaal gezien enkel mogelijk is binnen het kader van de wetgeving inzake de Bijzondere Opsporingsmethoden (BOM).

Een dergelijke observatie, die onmiskenbaar een inmenging in het privéleven van zowel de houder als van de bestuurder van het voertuig vormt, voldoet m.i. niet aan de vereiste “noodzakelijkheid”. De gegevens die nodig zijn voor het vaststellen van de verschuldigde kilometerheffing kunnen immers evenzeer worden verzameld zonder voortdurende observatie (vrijwillige aangifte, installatie van toegangspoorten, etc.). Bijgevolg is er sprake van een schending van het recht op privacy van zowel de houder als de bestuurder van het voertuig.

De omstandigheid dat de inmenging in het privéleven steunt op een wilsovereenstemming die volgt uit de ondertekening van een overeenkomst met een dienstverlener (zoals Satellic), doet hieraan m.i. geen afbreuk. De ondertekening van een gebruikersovereenkomst wordt immers dwingend opgelegd en dient bijgevolg beschouwd te worden als een onderdeel van de vestigings- en inningsmodaliteiten van de belasting.

c. Het controleren van de afgelegde kilometers kan enkel aan de hand van geijkte meettoestellen zoals voorzien in artikel VIII 43 van het Wetboek Economisch Recht

Overeenkomstig de geldende regelgeving moeten metingen die worden uitgevoerd ter berekening van heffingen en retributies worden verricht met geijkte meetinstrumenten. De voorschriften omtrent de overige voorwaarden waaraan deze meetinstrumenten moeten voldoen, alsmede omtrent hun samenstelling en meeteigenschappen moet in principe door middel van een Koninklijk Besluit (in gewestelijke materies betreft dit een besluit van de regering) worden vastgelegd.

In het Belgisch Staatsblad lijken in het kader van de kilometerheffing tot op heden geen dergelijke besluiten te zijn gepubliceerd zoals bedoeld in de hogervermelde regelgeving.

Bijgevolg rijst de vraag of de On Board Units die zullen worden gebruikt ter registratie van de afgelegde kilometers kunnen worden gebruikt ter berekening van de kilometerheffing op deze geregistreerde afstand.

d. Het controleren van de afgelegde kilometers kan enkel door onderneming die zijn erkend als bewakingsonderneming in de zin van de Wet van 10 april 1990 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid

In de praktijk zal Satellic de belaste voertuigen op het openbaar domein gaan volgen via satellietnavigatie.

De uitbesteding van de controle van de kilometerheffing aan een privébedrijf heeft tot gevolg dat de Wet van 10 april 1990 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid worden gerespecteerd.

Op basis van deze Wet mogen de vaststellingen, die uitsluitend betrekking hebben op de onmiddellijk waarneembare toestand van goederen die zich bevinden op het openbaar domein, in opdracht van de bevoegde overheid of van de houder van een overheidsconcessie enkel worden uitgeoefend door erkende bewakingsondernemingen.

Naar wij konden achterhalen heeft het bedrijf Satellic geen erkenning als bewakingsonderneming zodat de controleactiviteiten van Satellic ingaan tegen de bepalingen van de Wet van 10 april 1990 en derhalve ingaan tegen de wet.


3. De overtreding van de Privacywet van 8 december 1992

In de algemene voorwaarden bij de gebruikersovereenkomst [1] wordt bevestigd dat Satellic persoonsgegevens van de gebruiker verwerkt voor rekening van Viapass, die optreedt als verantwoordelijke voor de verwerking in de zin van de Belgische Privacywet van 8 december 1992 (“Privacywet”).

Overeenkomstig artikel 17, §1, lid 1 van de Privacywet moet de verantwoordelijke voor de verwerking of, in voorkomend geval, diens vertegenwoordiger voordat wordt overgegaan tot één of meer volledig of gedeeltelijk geautomatiseerde verwerkingen van gegevens die voor de verwezenlijking van een doeleinde of van verscheidene samenhangende doeleinden bestemd zijn, daarvan aangifte doen bij de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer.


4. De kilometerheffing schendt de Vlaamse Codex Fiscaliteit (enkel in het Vlaams Gewest)

In het Vlaams Gewest worden de bepalingen omtrent de kilometerheffing ingevoegd in de Vlaamse Codex Fiscaliteit (VCF). Een gemeenschappelijk kenmerk van de belastingen opgenomen in de VCF is dat zij in principe moeten worden ingekohierd, waarna de belastingplichtige een aanslagbiljet zal ontvangen. In dit verband bepaalt artikel 3.2.2.0.1 VCF dat van de belastingschuldigen alleen een som mag worden gevorderd krachtens een uitvoerbaar verklaard kohier dat de inningstitel vormt.

Op basis van het Decreet van 3 juli 2015 blijkt dat de dienstverlener er, op basis van de dienstverleningsovereenkomst, toe gehouden is om periodiek, zo mogelijk op elektronische wijze, het betalingsdocument met de bedragen die door de houder van het voertuig voor die periode zijn verschuldigd, te verzenden. Over de inkohiering zelf of over de verzending van enig aanslagbiljet door het Vlaams Gewest zelf, wordt met geen woord gerept.

Bijgevolg zal, voor wat de kilometerheffing betreft, binnen het Vlaams Gewest, moeten opgevolgd worden of de heffingsplichtigen effectief een aanslagslagbiljet zullen ontvangen van de Vlaamse Belastingdienst. Indien zij enkel het hogervermelde betalingsdocument zouden ontvangen van de dienstverlener kan de kilometerheffing o.i. niet rechtmatig worden ingevorderd. Meer nog, op basis van de thans gekende informatie kan zelfs geargumenteerd worden dat de kilometerheffing – bij gebrek aan inkohiering – niet verschuldigd kan zijn.


Michaël Reul
Secretaris-generaal
Bruno Velghe
Voorzitter


Downloaden als PDF